Paviljoen

Bij hun tochten door het Gooi waren de heren Huydecoper en Laan zeer gecharmeerd geraakt van een mooi plekje op een hoog maar bescheiden heuveltje met een prachtig uitzicht over de omgeving. Dat bewuste plekje lag ergens tussen de huidige Dwarslaan en Paviljoenweg. In 1836 besloten ze het stukje grond te kopen om er een theehuis voor eigen gebruik te bouwen. Het paviljoen werd echter niet vaak door beide heren bezocht. Ze hadden het veel te druk met hun zakelijke belangen elders. Bovendien kwam er van Koninklijke zijde belangstelling voor het “theehuis”. Koningin-Moeder Anna Paulowna woonde sedert de dood van haar echtgenoot Koning Willem II in Paleis Soestdijk. Op mooie zomerse dagen maakte zij vele tochten door het Gooi en zo kwam ze ook bij het paviljoen. Zij vond het theehuis erg mooi en vooral de vergezichten boeiden haar zeer. Na enige tijd werd het paviljoen door haar gekocht. Een huisbewaarder werd  aangesteld en als niemand van de Koninklijke Familie aanwezig was, dan kreeg het publiek de gelegenheid iets te gebruiken en te genieten van het schitterende panorama. Later kwam het bij erfenis in handen van Koningin Sofie, de echtgenote van Koning Willem III. Ook Koningin Regentes Emma en de nog jonge Prinses Wilhelmina bezochten het paviljoen op gezette tijden. Deze Koninklijke bezoeken waren goed voor het dorp; het trok veel toeristen aan, die allemaal het paviljoen wilden bekijken. Zelfs de latere koningin Wilhelmina kwam, toen het paviljoen al weer verkocht was, nog regelmatig door Blaricum om bij het paviljoen de thee te nuttigen. Een zeer zwarte bladzijde in de geschiedenis van het paviljoen was een vechtpartij met dodelijke afloop. Een groep ruziezoekende Huizer jongelui sloeg de boel kort en klein toen de waard, de heer Remmerde, weigerde drank te schenken. Tijdens de vechtpartij viel onder de jongelui een dode doordat de heer Remmerde ter verdediging een pistoolschot loste. De rust keerde pas terug toen de militairen van het Kamp Crailo de orde hersteld hadden. Hoewel het na deze gebeurtenis niet meer zo goed met de exploitatie van het theehuis ging, duurde het nog geruime tijd voor de slopershamer er aan ter pas kwam. Dit uitstel werd veroorzaakt door het drukke tramverkeer uit Amsterdam. Vele dagjesmensen bezochten Blaricum en dus ook het paviljoen. Maar door ouderdom kraakte het gebouw in al z’n voegen, zodat er uiteindelijk, in 1912, niets anders overbleef dan sloop. Er kwam geen nieuw gebouw voor in de plaats. Jaren later werd de grond verkocht en de Huizerweg en het Huizerhoogt kwamen vol te staan met villa’s en landhuizen.

Paviljoen Paviljoen

2 reacties

  • Reactielink Winnie Meyer Ricard Geplaatst door Winnie Meyer Ricard zaterdag, 26 januari 2019 16:56

    Ja, dat grote huis was van Brummer - was jouw zusje 'Boems'? (Volgens het verhaal werd ze zo genoemd doordat ze voor ze kon lopen op haar kontje de trap af boemsde - boems, boems, boems…).
    Op de hoek Huizerweg-Dwarslaan stond het huis van Jo v.d. Laar en zijn zuster, nog traditioneel met riet gedekt. (Tegen het einde van de oorlog werd dit huis van de verzetsman, koopvaardijofficier, v.d. Laar door de Duitsers in brand geschoten. Na de oorlog is het volledig herbouwd. Boven de open haard stond in een nisje een klein porseleinen olifantje, geloof ik, een van de weinige dingen die de brand hadden overleefd). De strook land naast dit huis en voor het grote huis van de Brummers (later woonde de familie Hötte er, van de Jumbo spelen), werd verkaveld en in enkele jaren bebouwd met een aantal villa's. Mijn ouders bouwden er in 1950/'51 het eerste huis, direct naast 'ome Jo' . De atelierwoning werd door mijn vader samen met de architect J.Vriend ontworpen. (Een model ervan, in de vorm van een poppenhuis waarmee wij kinderen en kleinkinderen jaren speelden is te vinden op de site van Rotterdamse architectuurmuseum, waaraan wij dit schonken. https://zoeken.hetnieuweinstituut.nl/nl/objecten/detail/?q=poppenhuis&page=1 ). Naast ons werd iets later het huis van de familie Hammelburg gebouwd, en iets verder weg o.a. het huis van het oudere echtpaar Clignet. In het grote atelier leidden mijn ouders, beiden vormgevers, vele jaren de 'Studioschool op het Huizerhoogt'. Ook organiseerden zij een aantal jaren een knutselclub voor kinderen. In het grote huis en idem tuin, werden vele feesten gevierd en opvoeringen georganiseerd. Bezoekers waren vrienden en kunstenaars van elders, maar ook veel Blaricummers en buren, waaronder de weduwe van de schilder Gestel, die nog steeds in de atelierwoning op de hoek van de, je raadt het al, Atelierweg woonde. In onze grote, ruige achtertuin kwamen we net als Michel vaak resten van het Paviljoen tegen, zoals scherven van kopjes en schoteltjes en ook zilveren lepeltjes.. Het huis is nu in Blaricumse 'kak'-stijl, excusez le mot, wit geschilderd. Past in mijn visie niet bij de oorspronkelijke architectuur. Ook de tuin waar zoveel is gespeeld en beleefd is een keurig groen rechthoekje met gesnoeide boompjes geworden... De tijden van wilde spelletjes en woeste feesten zijn lang, lang geleden...

    Rapporteren
  • Reactielink Michel Brummer Geplaatst door Michel Brummer zaterdag, 15 december 2018 09:35

    't ja, en in 1943 werd ik precies op deze plek geboren! Mijn vader kocht rond '34 het in '32 gebouwde huis - thans Huizerweg 81 - van de schrijver A D Hildebrand. De rhodondendronbossen rond het paviljoen stonden nog in onze tuin.... en als ik soms als jongetje met mijn schep in de tuin ging graven, kwam ik er steeds nog puin van het gebouw tegen.....

    Rapporteren

Laat een reactie achter

Zorg ervoor dat u de verplichte (*) velden invult waar dit is aangegeven. HTML code is niet toegestaan.